Mijn dagboeken in Boer & Tuinder

februari 15, 2008

Boeren met enkelband

Filed under: Marcel Heylen — melkbrigade @ 12:00 am

Ik was enkele weken geleden op een voorlichtingsvergadering van SBB in verband met het nieuwe Mestdecreet en de gevolgen daarvan voor de bedrijfsvoering. Natuurlijk wist ik – net zoals de meesten van de massaal aanwezige boeren – via de landbouwpers en vergaderingen al veel over het nieuwe Mestdecreet. Het opzet van de vergadering was dan ook duidelijk de boeren informatie te verschaffen over hoe men in de praktijk met de nieuwe wetgeving moet omgaan en waarop men vooral moet letten. In de eerste plaats om derogatie te kunnen toepassen, maar ook over de administratieve en praktische gevolgen wanneer je beslist om derogatie aan te vragen.
Hoe langer de vergadering duurde en hoe meer verplichtingen en regeltjes er aangehaald werden – het ene al wat absurder dan het andere – hoe meer ik het gevoel kreeg dat men ons als boer nog net toelaat om te boeren, maar dan wel met een stevige enkelband aan. Als criminelen die op proef vrij zijn, maar bij de minste misstap hun privilege van vrijheid verliezen en terug naar de gevangenis moeten. Ik besef heel goed dat voorgaande vergelijking erg zwaar en hard is, net zoals ik besef dat er inderdaad iets gedaan moet worden aan de te hoge nitraatgehalten in het oppervlaktewater op sommige plaatsen. Maar het effect van het verbod om weiland te scheuren na 31 mei omwille van de kwaliteit van het oppervlaktewater, ontgaat mij totaal. Ik bekijk dit natuurlijk vanuit mijn ervaringen als boer. Ik heb op mijn bedrijf heel wat laag gelegen grond, waar weidevernieuwing in het voorjaar meestal onmogelijk is omdat de gronden onvoldoende droog zijn om mooi werk te kunnen leveren. Als je dat in de maanden juni of juli doet, kan je een mooi egaal zaaibed creëren en verlies je ook weinig opbrengst omdat er na vier weken al een mooie snede gras staat.
Het verhaal van de natte grond komt ook voor de maïsteelt terug. Je moet voor 15 mei tweederde van je dierlijke mest uitgereden hebben. Het is niet omdat we vorig jaar een droge aprilmaand kregen, dat dit elk jaar zo is. Ik herinner mij in het nabije verleden verschillende jaren dat het pas na 15 mei droog genoeg was om het maïsland te bewerken. Bovendien moet je ook nog een snede gras van het voorgewas maaien om derogatie te verkrijgen.
Ook van de al zo dikwijls aangehaalde administratieve vereenvoudiging merk ik niets, integendeel. Een greep uit de nieuwigheden: contingent derogatie aanvragen, bemestingsplan opmaken, bemestingsregister bijhouden, bodem- en mestanalyses laten uitvoeren en bijhouden, mestbalans op perceelsniveau, teeltfiches opmaken …
Als we de politici moeten geloven, worden al deze regels ons door Europa opgedrongen. Het is dan toch wel heel vreemd dat men in Nederland – waar men ook derogatie kreeg – al vanaf 1 februari mest mag uitrijden en hier pas op 16 februari. Dat wil wel zeggen dat men in Nederland vijftien dagen vroeger de kans heeft om in ideale weersomstandigheden mest uit te rijden en op die manier een vroege grasgroei te realiseren, wat zeker in het geval van gras voor maïs een groot verschil kan maken.

Genoeg over het nieuwe Mestdecreet, gelukkig kregen we op een vergadering van onze bedrijfsgilde wat positiever nieuws te horen in verband met het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen. In onze regio – die de naam ‘Neteland’ meekreeg – is de procedure van herbevestiging van de landbouwgebieden afgerond, met een goedkeuring door de ministerraad net voor Nieuwjaar. Daar waar er in eerste instantie nog geen 40 procent voor herbevestiging in aanmerking kwam, heeft men nu toch de vooropgestelde 66 procent gehaald. De energie die de bedrijfsgilden in dit dossier gestoken hebben om de landbouwsector in onze regio bestaanszekerheid te geven, heeft dus toch resultaat opgeleverd.
Vooral het bezoek van een delegatie van het Hoofdbestuur van de Boerenbond – onder leiding van voorzitter Devisch en aangevuld met een aantal boeren uit onze regio – aan minister van Ruimtelijke Ordening Dirk Van Mechelen in april 2006 heeft een kentering teweeggebracht. Daardoor is men meer rekening gaan houden met de eigenheid van de regio ‘Neteland’.
Het is nu eenmaal een historisch gegeven dat er hier veel kleine, versnipperde landbouwgebieden zijn, die daarom niet minder waardevol en belangrijk zijn voor de betrokken boeren dan de grote aaneengesloten gebieden die men in eerste instantie voor ogen had. We zijn dan ook tevreden dat de minister, die trouwens historicus van opleiding is, met deze argumenten rekening heeft gehouden. Als het goed is, zeggen we het ook.
Natuurlijk zijn er nog gebieden die volgens ons voor herbevestiging in aanmerking komen – er is trouwens nog maar 66 procent ingekleurd.
We hopen dan ook dat het gezond verstand de bovenhand zal halen voor de afbakening van de resterende 34 procent.

– Marcel Heylen

Advertenties

Geef een reactie »

Nog geen reacties

RSS feed for comments on this post. TrackBack URI

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Maak een gratis website of blog op WordPress.com.

%d bloggers liken dit: