Mijn dagboeken in Boer & Tuinder

februari 29, 2008

Een avondje stappen

Filed under: Carine Cornu — melkbrigade @ 12:00 am

Een eerder frisse avond in januari.
Ik was alleen thuis met de kinderen; Geert was naar een vergadering. De kinderen lagen allemaal al in bed en ik wou die avond ook eens een beetje op tijd gaan slapen. En als ik alleen thuis ben en er staan koeien op kalven, ga ik nog even naar de koeien kijken voor ik dan ga slapen. Maar de koe had al in de namiddag gekalfd, dus kon ik recht mijn bed in, zonder eerst nog de kou te trotseren. Ik lag maar pas in bed en begon juist in te dommelen, toen ik plots hoefgetrappel voorbij onze slaapkamervenster hoorde. Nog slaapdronken kwam ik tot de conclusie dat dat wel een koe moest zijn.
Nu slapen wij best een eindje van de straat, en hebben we zelf geen paarden. Er restte mij dus geen andere conclusie. Moeizaam zette ik alle gedachten weer terug op een rijtje. De koe die ‘s namiddags gekalfd had, hadden we na het melken terug in de strobox gestoken zodat ze comfortabel kon liggen. Mijn eerste idee was dan ook dat die strobox waarschijnlijk niet goed afgesloten was en dat die koe op zoek was gegaan naar haar kalf. Dat is eigenlijk begrijpelijk.
Vermits het pas januari was, vond ik het beter om toch maar iets warms aan te trekken. Dan ging ik maar vlug die koe terug kort steken, dat dacht ik tenminste. Toen ik in de koestal kwam, zat ik letterlijk met mijn handen in mijn haar. De koe die pas gekalfd had, stond nog braaf in de strobox. Maar de hele voergang was wel één ravage van voeder, hooi en stro dat overal rondgestrooid lag, en in de koestal zelf stonden nog amper een stuk of zes koeien. De andere 45 dames hadden er niet beter op gevonden dan een avondwandeling te maken. Blijkbaar was er een koe die het poortje waardoor ze in de zomer naar buiten gaan, open had gekregen. En de vrijheid lonkte dus.
Heel anders dan in de zomer – wanneer alles duidelijk afgezet is waar ze eigenlijk mogen lopen – is alles in de winter open. De draden van de weiden liggen her en der op de grond of liggen open. Ik zag dus koeien overal. In de voergang van de koeien lagen er een paar te slapen in het open gelopen voer en stro. In de voergang van het jongvee waren er een paar die de zakken met mineralen gevonden hadden. Een deel had de binnenkoer al verkend, een ander deel zocht zijn heil in een tweetal weiden aan het hof. En daar sta je dan heel alleen. Je kinderen liggen te slapen en je man is niet thuis.
Ik heb al mijn moed samengeraapt en ben al eerst begonnen met dat poortje waarlangs ze buiten geraakt waren, terug toe te doen en te barricaderen met enkele zandzakjes. Gelukkig was aan de ene kant de poort van de voergang toe, zodat ik kon proberen de koeien in de voergang te krijgen; als ik dan het hek kon opendoen, zou ik de koeien terug krijgen waar ze thuishoorden. En beetje bij beetje lukte dat dan ook nog.
Maar dan kwam het moeilijkste: de koeien die op de weide liepen. In de zomer weten die dieren perfect waar ze van de weide kunnen gaan en hoe ze dan de stal binnen kunnen. Nu was het echter overal pikkedonker en ik wilde bovendien dat ze via een andere kant de weide af gingen dan ze in de zomer gewend zijn. Het is ook niet gebruikelijk dat ze via de voergang de koestal binnen komen. En dan sta je daar alleen. Er is geen enkele koe die wil doen wat jij o zo graag zou willen. Je krijgt het koud, je staat er helemaal alleen voor en de moed zakt je stilaan in je schoenen.
Om een beetje meer moed te krijgen, telde ik al eens de koeien die ik wel al had weten te verzamelen. Toen bleek dat ik er nog bijna vijftien te kort had, had ik zoiets van: “Foert. Dat die koeien nu nog maar een beetje lopen waar ze willen lopen. Geert komt straks wel naar huis, en anders is het morgenvroeg tenminste terug licht.” Toen ik weer in huis was, vond ik het eigenlijk toch niet zo’n goed idee om terug in mijn bed te kruipen. Er was ondertussen al een drie kwartier verstreken en ik vermoedde – en hoopte vooral – dat Geert niet lang meer zou wegblijven. En nóg een keer uit dat warme bed moeten komen, was een gedachte die me niet echt aansprak. Dus nestelde ik me maar in de zetel en keek nog wat tv.
Een half uurtje later kwam Geert thuis. Hij had al meteen door dat er iets niet klopte. Koeien die in de wei liggen te slapen is in januari geen vertrouwd beeld. Uiteindelijk zaten een kwartiertje later alle koeien terug waar ze thuishoorden, tenminste dat dachten we toch. Wij gingen in elk geval met een gerust hart slapen. En ’s morgens stond de laatste verdwaalde koe terug thuis, na een nachtje stappen. Ze stond mooi te wachten aan de koestal om gemolken te worden. Misschien dacht ze wel: “Oost west, thuis best.”
– Carine Cornu

Advertenties

Geef een reactie »

Nog geen reacties

RSS feed for comments on this post. TrackBack URI

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Blog op WordPress.com.

%d bloggers liken dit: