Mijn dagboeken in Boer & Tuinder

augustus 29, 2008

Is het niet versleten, het is verouderd

Filed under: Johan Schollier — melkbrigade @ 12:00 am

Is het niet versleten, het is verouderd
Om de twee jaar richt onze plaatselijke Aveve-afdeling een driedaagse uitstap in – een mix van bedrijfsbezoeken en een vleugje toerisme. Dit jaar was de bestemming Friesland. Onderweg, bezochten we een bedrijf in Noord-Holland met meer dan 50 hectare bloembollen. Op het moment van ons bezoek lagen alle tulpenvelden er afgeschaard bij: de bloemen waren machinaal afgeknipt, enkel de bladeren en de stengel blijven staan. De tulp vermeerdert zich dan door knolgroei, niet door bestuiving van de bloem. Men laat de bloemen enkel uitbloeien om via bestuiving nieuwe variëteiten te ontwikkelen. De bedrijfsleider had het over 3000 (!) tulpenvariëteiten. Het moet een kleurenpracht zijn in april wanneer alle tulpen bloeien. Bij het rooien is de knol eigenlijk een cluster van vijf tot zeven knollen of meer, die van elkaar gescheiden moeten worden. Er komt enorm veel grond mee met de knol; meer dan 60 procent tarra. De grond keert terug naar de velden. In grote loodsen op de hoeve worden de bloembollen uitgeschud, gescheiden en door verwarming gedroogd om de knollen van hun schutbladeren te ontdoen (denk aan uien). Ze worden gesorteerd volgens grootte, geteld en verpakt. De kweker vertelde dat er voor deze job geen Nederlanders te vinden zijn. Net zoals er bij ons overal Polen opduiken, werkt dit bedrijf het hele jaar door met een twintigtal Portugezen.
Melkvee troef natuurlijk in Friesland. Kan dit gebied eigenlijk voor iets anders dienen? De hoeven dicht bij elkaar, maar erachter een schier eindeloos hinterland met grasland en weiden. Toch ook behoorlijk veel maïs op de lichtere gronden. Het land is zo plat als een biljart en doorsneden met kanaaltjes en grachten die altijd vol water staan. Toch was droogte de rode draad doorheen ons bezoek. De Friezen klaagden over de droogte, die zijn voorgaande niet kende, en dat zag je ook aan de weiden. Een boer durfde zijn koeien niet buiten laten omdat de barsten in de klei zo groot waren dat de koeien hun poten konden breken. Hoe dan ook blijven in steeds meer bedrijven de koeien het hele jaar door op stal. Van de zeven bedrijven die we bezochten, kwamen bij vier de koeien niet meer buiten. Ze gaan heftig tekeer die Friezen! Bedrijven met 250 … 300 … 450 koeien, heel gewoon. Minder dan 100 koeien bestaat daar bijna niet meer. Onder het motto ‘Is het niet versleten, het is verouderd’ en door een ander fiscaal systeem is er steeds zwaar geïnvesteerd in quota, mestrechten, gronden, melkwinning, graslandmateriaal, injectoren … Groei, groei en nog eens groei, daar zijn ze steeds over bezig. Diegene met 250 koeien spreekt van 400 koeien, diegene met 400 koeien droomt luidop van 800 koeien … Om u een idee te geven: een boer had een melktank van 32.000 liter, maar die was voor drie dagen net iets te klein. Maaicombinaties van twaalf meter, dito schutters en harken. Een zelfrijdende mengvoerwagen of een zware shovel, de normaalste zaak van de wereld.
Ondernemen … dat woord heb ik dikwijls gehoord. Al dan niet in maatschap: vader, zoon, zoon. Broer, broer. Broer, schoonbroer. Op twee bedrijven gehoord van uittredingen, met alle financiële gevolgen van dien. Alle melksystemen gezien, behalve de ‘gewone’ visgraat. 2×15 zij aan zij, quick in out. Binnencarrousel, 36-stands buitencarrousel. Als ik moest kiezen, zou ik zeker niet voor een buitencarrousel gaan: de koeien staan met hun kop naar het middelpunt van de cirkel. De melker loopt op de buitenste (langste) omtrek; hij moet een marathon lopen als één van die koeien eens aftrapt – als hij het al ziet aan de andere kant van de cirkel. Bovendien moeten de koeien achteruit stappen om de carrousel te verlaten. Bij een binnencarrousel staat de melker in het midden en ziet hij alle uiers. Op bijna alle bedrijven waren vaste werknemers in dienst, soms tot zeven man. Op een nagelnieuw bedrijf was de boer helemaal niet te zien. Een manager runde het bedrijf! Op de laatste hoeve werden de 250 koeien deels ‘traditioneel’ gemolken en deels automatisch. De 65 productiefste koeien konden door de robot stappen.
Heel interessant vond ik de biogasmestvergisting. Ook dit was nog een grijze vlek in mijn hersenen. Ik heb gezien hoe twee gasmotoren van 350 en 500 pk generatoren aandreven. Tien procent van de geproduceerde elektriciteit was voor het bedrijf zelf, de rest kon op het net. In ons dorp wordt momenteel zo’n bedrijf gebouwd. Nu weet ik het zeker, die kerel zal slagen.
Na zeven bedrijven op drie dagen vraag je je af waar je zelf staat met je 65 koetjes. Maar wij zijn wel een gelukkig melkstel, zonder vaste werknemers en hoge schuldenbergen. Qua toerisme onthoud ik vooral dit: de Zaanse schans in de buurt van Amsterdam – een soort Bokrijk. Oude, traditionele huisjes, achttiende-eeuwse windmolens … Hollandser kan niet.
Toeval wil dat er op het water een soort Love Parade doorging. Niet met technomuziek en bulderende bussen, maar versierde boten met André van Duyn- en André Hazes-toestanden. Het krioelde er van het volk.
Een Hollander heeft nu eenmaal niet veel nodig om plezier te maken.

– Johan Schollier

Advertenties

Geef een reactie »

Nog geen reacties

RSS feed for comments on this post. TrackBack URI

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Maak een gratis website of blog op WordPress.com.

%d bloggers liken dit: