Mijn dagboeken in Boer & Tuinder

augustus 25, 2009

Sterfelijkheid

Filed under: Bernadette Jonckheere — melkbrigade @ 12:00 am

Tot mijn veertigste levensjaar waande ik mij onsterfelijk, zoals alle jonge mensen. Mijn man en ik spraken wel eens over wat de ander zou doen als één van ons vroegtijdig stierf, en vooral over wat er met de kinderen en de boerderij zou moeten gebeuren. Maar verder dan wat lacherige suggesties kwamen we niet. Ik zou een flinke boerenknecht in dienst nemen en hij waarschijnlijk een leuke meid of zo!
Zoals jullie wellicht al weten, kreeg ik in oktober 2000 een hartinfarct. De grond werd volledig onder mijn voeten weggemaaid en ik werd in één klap sterfelijk. Ja, die 16de oktober heb ik de hemelpoort gezien en dat doet wat met een mens. Sinds die dag ben ik soms in gedachten afscheid aan het nemen van de mijnen en van wie ik liefheb en mijmer ik af en toe hoe mijn gezin het verder zou doen zonder mij. In het begin had ik dat heel erg, maar stilletjes aan minderden die gedachten. Gelukkig zijn we ondertussen al weer een paar jaar verder en zijn de kinderen jongvolwassenen.
In 2006 werd ik nogmaals abrupt op mijn sterfelijkheid gewezen. Dat tweede infarct heeft me – nog meer dan het eerste – veel van mijn krachten ontnomen en het was psychisch ook heel zwaar om dragen. Sindsdien heb ik dikwijls het gevoel dat ik verder strompel in het leven, vooral in het boerenleven dan. Ik help wel mee wanneer en waar ik kan, maar ik kan behoorlijk gefrustreerd zijn door mijn beperkingen. Je ziet zoveel werk om je heen, zoveel dat je zou willen doen, maar er zijn dagen dat er eigenlijk niet veel uit mijn handen komt en dat ik anderen mijn taken moet laten opknappen. Ik kan daar heel ongelukkig om zijn … Andere dagen kan ik meer aan en doe ik dan weer te veel, zodat ik ’s avonds in de zetel plof en ik geen grammetje energie meer heb – zelfs niet om mijn mond open te doen en te praten. Ik moet soms meer dan een uur bekomen vooraleer er weer beweging te krijgen is in mij. Gelukkig kent mijn gezin ondertussen mijn gebruiksaanwijzing: met rust laten en weer tot zichzelf laten komen.
Was ik volgens mijn cardioloog destijds een werknemer geweest, dan mocht ik niet meer gaan werken en hoefde ik enkel nog mijn gezin te runnen.
Soms denk ik: “Kon ik maar nog lang genoeg leven, tot ik weet dat mijn kinderen hun plaats in de wereld gevonden hebben!” Maar wanneer ben je daar nog zeker van? Je kunt nu denken dat ze het alle drie goed voor elkaar hebben, maar vijf jaar later kan het al een heel ander plaatje zijn. Dus is een mens nooit gerust, hé. Maar dat geldt uiteraard voor iedereen.
Er zullen nog wel mensen zijn die zich in mijn klaagzang van hierboven herkennen. Mensen die ook één of andere ziekte met zich meedragen of doorgemaakt hebben en het ook soms verdomd lastig hebben om mee te draaien in die mallemolen van het leven. Zeker als je zelfstandig bent, is het dubbel zo zwaar – vind ik toch.
Waar ik het ook zeer moeilijk mee heb, is als er hier iemand langskomt wanneer ik net eventjes uitgeteld in de zetel lig. Als die persoon niks van me weet, dan denkt die misschien wel dat ik een luie trien ben die midden de dag zomaar in de zetel ligt en de anderen voor zich laat opdraven. Weerom voel ik dan een diepe gêne. Maar ik kan toch niet aan de eerste de beste mijn hele verhaal doen? Bovendien stuit ik ook op onbegrip. Sommigen denken dat een infarct doormaken een beetje is als een flinke griep doorstaan: eenmaal die voorbij is, is weer alles zoals voorheen. Maar zo is het helaas niet.
“Trek je dat toch niet zo aan”, zegt mijn man. “Je doet voortdurend erg hard je best.” Ik weet wel dat hij gelijk heeft. Als ik niet op een boerderij woonde, dan zou ik het toch gemakkelijker vinden om mij er niks van aan te trekken. Geen mens die erover valt als je eventjes niets doet. Maar als kind van zelfstandigen ben je van kindsbeen af zodanig geprogrammeerd dat eventjes niks doen gelijkgesteld wordt aan lui zijn. Altijd bezig willen zijn, altijd iets om handen hebben, dat werd er bij ons vroeger ingestampt en het is er dan ook moeilijk uit te krijgen. Tot het niet meer gaat, uiteraard.
“Maar ja, ik ben er toch nog”, zegt men dan. Uiteindelijk is dat wel zo. Als we hier in een straal van 1 km rond ons kijken, dan komen we tot de tragische vaststelling dat er – in de 14 jaar dat we hier wonen – al 5 jonge en zelfs heel jonge mensen die boerden, gestorven zijn. Twee heel jonge mensen door zeer tragische accidenten: iemand werd vermoord (!), een ander stierf na een hersentrauma en nu onlangs overleed een vrouw door kanker. En allemaal lieten ze een gezin achter. Dat zijn grote drama’s voor de betrokkenen. En toch draait de wereld door …
– Bernadette Jonckheere

Advertenties

Geef een reactie »

Nog geen reacties

RSS feed for comments on this post. TrackBack URI

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Maak een gratis website of blog op WordPress.com.

%d bloggers liken dit: